Waarom data niet voor zichzelf spreken
Data zijn overal. Openbare bronnen als het CBS, het RIVM en de Klimaatmonitor zijn vrij toegankelijk, overheden bouwen dashboards, en nieuwsgierige mensen kunnen zelf trends in beeld brengen. Maar ‘datagedreven werken’ brengt een verleidelijke aanname mee: als iedereen data kan verzamelen en naar eigen inzicht analyseren, heb je dan nog een onafhankelijke onderzoeker nodig? Het antwoord op deze vraag is ja, want ‘de data’ zijn niet waar het verhaal begint.
Monitors en dashboards helpen leren van het verleden en signaleren waar iets misgaat. Maar, alleen als er iemand is die de juiste vragen stelt en dit kan vertalen naar een passende analyse.
Het verhaal begint bij de vraag, bijvoorbeeld vanuit de gemeente. Of het nu gaat om een toename van een ongezonde leefstijl in een wijk of juist een afname van werkloosheid in een gemeente. Een belangrijke taak van de onderzoeker is doorvragen. Wat wil de gemeente weten? Wat weten ze al? Welke vragen kunnen wel en welke niet worden beantwoord met de beschikbare data? Het bewust afbakenen van wat men niet weet, is net zo waardevol als de analyse zelf. Daarbij is het schaalniveau cruciaal: inzicht in verschillen tussen regio's, wijken en doelgroepen maakt maatwerk mogelijk, in plaats van een one-size-fits-all aanpak.
Het bewust afbakenen van wat men niet weet, is net zo waardevol als de analyse zelf.
Cijfers zonder context zeggen niets. Data krijgen pas betekenis wanneer ze Data krijgen pas betekenis wanneer ze iets zeggen over een plek en de mensen die daar leven. Integrale monitoring maakt daarom niet per thema een apart dashboard, maar verbindt de thema’s met elkaar tot één samenhangend beeld: hoe gaat het écht met deze plek en de mensen die er wonen? Zo krijg je inzicht in hoe het staat met de sociale cohesie in een wijk, maar ook in de kwaliteit van de woningen en de veiligheid op straat.
Kwaliteit boven kwantiteit
Een makkelijke aanname is dat beschikbaarheid van meer data altijd leidt tot een completer beeld. In werkelijkheid hebben gemeenten en provincies niet altijd meer data nodig. Een beter begrip van wat de data samen vertellen is veel belangrijker. Zijn er plekken in de provincie waar problematieken opstapelen? Zijn er buurten in een gemeente die meer aandacht nodig hebben dan andere? Wat is er in buurten gebeurd waar het nu beter gaat dan een aantal jaren terug en kunnen we daar wat van leren? Integraal monitoren maakt het mogelijk om die vragen te beantwoorden, maar alleen als er iemand is die de verbanden ziet, de context kent, en het verhaal kan vertellen dat achter de cijfers schuilgaat, met een onafhankelijke blik.
Gemeenten en provincies hebben niet altijd meer data nodig, maar een beter begrip van wat de data samen vertellen.
Drie casussen als voorbeeld
Een onafhankelijke onderzoeker ziet andere verbanden en kansen
Wat een verkenning van maatschappelijke vraagstukken vraagt, is een onderzoeker die verbanden durft te benoemen. Ook als dat ongemakkelijke keuzes zichtbaar maakt. Bijvoorbeeld demografische veranderingen, de energietransitie en bezuinigingen in het sociaal domein zijn geen losstaande vraagstukken. Ze hangen samen, en die samenhang moet benoemd worden om tot zinvolle keuzes te komen. Tegelijkertijd is het ook de rol van de onafhankelijk onderzoeker om kansen op tafel te leggen.
Net voor de gemeenteraadsverkiezingen is voor gemeente Someren een strategische verkenning opgesteld. Niet als kant-en-klaar antwoord voor het nieuwe bestuur, maar als gedeeld vertrekpunt: een samenhangend en realistisch beeld van de maatschappelijke, bestuurlijke en financiële opgaven waar Someren de komende jaren voor staat. De verkenning combineert literatuuronderzoek, data-analyse en gesprekken met interne experts. Door de expertise van gemeentelijke ambtenaren en de onafhankelijke blik en duiding van onderzoekers te combineren, werd een beeld geschetst dat over verschillende thema’s heen reikt en aansluit op langjarige trends op internationaal, nationaal en regionaal niveau. Deze trends zijn vertaald naar hun betekenis voor de lokale context, aangevuld met prognoses en scenario's die laten zien welke keuzes nu al consequenties hebben voor later. Ook het signaleren van kansen, zoals de mogelijkheden die de Brainportregio biedt, of de sterke gemeenschapskracht die Someren al heeft, hoorde daarbij.
De verkenning is daarmee bewust geen eindpunt, maar een uitnodiging. Eén die een handelingsperspectief biedt. Een uitnodiging aan raad, college en inwoners om samen te bepalen wat Someren wil zijn, en welke keuzes daarvoor onvermijdelijk zijn. De rol van de onafhankelijke onderzoeker stopt niet bij het opleveren van het rapport: zij denken ook mee over hoe bevindingen landen in de organisatie en hoe ze vertaald worden naar beleid. Die uitnodiging is opgepakt: beleidsambtenaren hebben de verkenning gebruikt als inhoudelijke input voor presentaties aan het nieuwe bestuur, als onderdeel van het proces om te komen tot een coalitieakkoord.
Lees meer over dit traject in ons online magazine
Een onafhankelijke onderzoeker kijkt over beleidsvelden, sectoren en topografische grenzen heen
Wie voorbij gemiddeldes kijkt, komt al gauw contrasten tegen. Dat zagen wij bijvoorbeeld in de provincie Zuid-Holland toen we daar een 'bredewelvaartsfoto' maakten: een momentopname waarin bekeken wordt hoe het gaat in een provincie, gemeente of andere plek. Daarin wordt gekeken naar 12 belangrijke thema's. Gemiddeld genomen doet Zuid-Holland het op veel thema's goed. Maar het gemiddelde vertelt niet alles. Wie differentieert op gemeenteniveau, ziet dat Zuid-Holland een provincie is met grote verschillen: terwijl aantrekkelijke steden en forensengemeenten floreren, zijn er ook gemeenten waar arbeidsmarktparticipatie en gezondheid achterblijven. Uitdagingen op de woningmarkt, energiemarkt en ruimtelijke ordening versterken dit effect, en hangen sterk met elkaar samen.
Contrasten tussen gemeenten worden al zichtbaar wanneer je vanuit één beleidsdomein naar een lager geografisch niveau kijkt. Maar pas als je over de beleidsdomeinen heen kijkt, zie je hoe die contrasten op verschillende thema's met elkaar samenhangen en elkaar versterken. Dat vraagt om een onderzoeker die voorbij één thema kijkt en die bereid is te benoemen wat een opdrachtgever misschien liever niet hoort. Het zijn vraagstukken die om die integrale blik vragen. Dat is iets wat een los dashboard per sector niet biedt. Het resultaat biedt beleidsmakers en bestuurders niet alleen context voor het gesprek over beleid en ambities, maar ook aanknopingspunten voor gerichte actie.
De bredewelvaartsfoto heeft gesprekken met Zuid-Hollandse gemeenten op gang gebracht over of zij zichzelf in het onderzoek herkennen, en de basis gelegd voor de Brede Welvaartagenda van de provincie. Daarnaast zijn we ook op een meer kwalitatieve manier met de provincie aan de slag gegaan met brede welvaart. Via pilots zijn we met zowel de bredewelvaartscan, als bredewelvaartdialoog aan de slag gegaan om te kijken hoe het met de brede welvaart in de praktijk staat. Zo werd het handelingsperspectief niet alleen scherper, maar ook concreter en beter gedragen.
De onafhankelijke onderzoeker brengt botsende waarden in beeld
Data kunnen dienen als feitelijke onderlegger voor allerlei keuzes. Maar cijfers spreken niet voor zichzelf. De rol van de onafhankelijk onderzoeker is om de kerndilemma's die uit de cijfers naar voren komen te benoemen, zonder politieke kleur. Het is nodig om te durven zeggen wat er op tafel moet komen te liggen, ook als dit mogelijk ongemakkelijk gaat zijn. Beleidskeuzes zijn nooit neutraal: ze draaien om waarden die soms botsen. Door die spanningen zichtbaar te maken, ontstaat ruimte voor het gesprek over wat men belangrijk vindt.
Het project Brabant van Overmorgen, uitgevoerd in samenwerking met BrabantKennis, laat zien wat er mogelijk is wanneer data niet het eindpunt zijn, maar juist het vertrekpunt voor een breder gesprek. Voor dit toekomstverkenningsproject werd een beeld geschetst van hoe Brabant er nu voor staat op het gebied van brede welvaart, aangevuld met landelijke trends en ontwikkelingen. Een aantal dilemma's zijn verder uitgediept in gesprek met Brabanders, bijvoorbeeld met een research community.
De resultaten zijn bedoeld als inhoudelijke input voor de verkiezingsprogramma's richting de Provinciale Statenverkiezingen van 2027. Ze zorgen voor een gedeelde feitenbasis: waar stapelen de uitdagingen op, en welke keuzes moeten de komende bestuursperiode op tafel komen te liggen? Het onderzoek levert daarvoor het fundament: onafhankelijk, onderbouwd en bruikbaar voor iedereen.
De onderzoeker als volgende stap
Data zijn geen antwoord, maar vormen een startpunt. De meerwaarde van datagedreven werken zit dan ook niet in de data, maar in wat ermee gebeurt. De vraag moet scherp gesteld worden, de aannames moeten worden benoemd en de samenhang tussen verschillende indicatoren wordt zichtbaar gemaakt. Maatschappelijke opgaven zijn zelden enkelvoudig: armoede hangt samen met gezondheid, de woningmarkt hangt samen met kansengelijkheid en de druk op ruimte met leefbaarheid. In een tijd waarin iedere nieuwsgierige burger met een dashboard aan de slag kan, is de behoefte aan onafhankelijke duiding groter geworden, niet kleiner. Dat is waar onderzoek en beleid elkaar kunnen versterken, en elkaar ook nodig hebben. En waarom de onafhankelijke onderzoeker juist nu onmisbaar is.
Over Jonna Kroeze
Jonna werkt onder andere aan verschillende duurzaamheidsprojecten rondom het meten van duurzame impact, maar ook het monitoren van duurzaamheid en brede welvaart. Ze doet vooral kwantitatief onderzoek en is bezig met onderwerpen die dicht bij de mensen en samenleving staan.